De derde zondag van de veertigdagentijd heet Zondag Oculi, “Ogen“, naar de beginregel van Psalm 25 “Mijn ogen zijn gericht op de Eeuwige“. In deze periode van veertig dagen bezinnen we ons op wat werkelijk van waarde is in leven en geloof, en komen we zo stap voor stap dichter bij Pasen.

Afb.: Giotto di Bondone
In de viering van deze zondag 4 maart lezen we uit het boek Exodus over de tien woorden (ook bekend als de tien geboden), zoals Mozes die van God heeft ontvangen tijdens zijn verblijf van veertig dagen op de berg Sinaï.
De lezing uit het Evangelie naar Johannes verhaalt over de heftige reactie van Jezus als hij de tempel betreedt, die door handelaars en geldwisselaars tot een soort rovershol is gemaakt. Nota bene het Huis van zijn Vader, dat toch echt veel meer respect verdient dan op deze manier als een marktplaats. Jezus spreekt de woorden, dat hij de tempel eigenhandig zal afbreken en in drie dagen weer opbouwen – een vooruitwijzing naar zijn kruisdood en opstanding met Pasen.
Voorganger in deze viering is Tiemo Meijlink. Met zang en muziek van de Cantores Sancti Martini onder leiding van Leo van Noppen en organist Henk de Vries.
De vastentijd stelt kritische vragen aan ons: wij bezinnen ons op leefstijl en leefpatronen, waar leef je van, uit welke bronnen put jij, wat hebben wij echt nodig en wat kunnen wij delen met elkaar. Ten aanzien van alle scheefgroei tussen arm en rijk heeft Gandhi eens gezegd: “Op deze aarde is genoeg voor ieders behoeften, maar niet voor ieders hebzucht”.
In de eerste zondag van de Veertigdagentijd in de aanloop naar Pasen 2018, op zondag 18 februari, lezen we gedeelten uit de oudste geschiedenisvertelling van het joodse volk, uit het boek Genesis, waarin het verhaal van de zondvloed centraal staat: de vloed die veertig dagen lang de aarde overstroomde terwijl Noach met zijn gezin en dieren in de Ark verbleef. En uit het Marcusevangelie lezen we over het verblijf van Jezus in de woestijn, veertig dagen lang, waar hij door Satan op de proef werd gesteld.
Je kunt barmhartigheid op vele manieren geven en ontvangen. Maar dit laatste botst ook wel eens met onze – zelf opgelegde – zelfstandigheid van ‘alles zelf kunnen’. Aan de andere kant word je ook wel eens over het hoofd gezien of ‘niet gezien zoals je bent’.
In de Martinidienst van de vijfde zondag van Epifanie, op 4 februari 2018 om 11:30 uur, komt een van de vele genezingsverhalen uit de evangeliën aan de orde. Namelijk het verhaal uit Marcus 1, waarin Jezus de doodzieke schoonmoeder van zijn leerling Simon bij de hand neemt en weer overeind helpt. Ook vele andere mensen brengen zieken en bezetenen naar Jezus toe. We trekken een parallel met een genezingsverhaal uit het Oude Testament: hierin ontfermt de profeet Elisa zich over een doodzieke en eigenlijk al doodgewaande jongen. Het leidt ertoe dat het kind toch weer zijn levenskracht terugkrijgt.
In het thema van de Martinidienst van zondag 14 januari speelt water een belangrijke rol. Drinkbaar water wel te verstaan. Uit het boek Numeri lezen we over het volk Israël dat, tijdens het verblijf van veertig jaren in de woestijn, het gevoel krijgt van de dorst om te komen, en over hun leidsman Mozes die op Gods gezag helder water uit een rots laat stromen.
Het verhaal uit het Evangelie naar Johannes vertelt over de bruiloft in de plaats Kana in Galilea, waar de bruiloftswijn dreigt op te raken. Jezus vraagt een aantal vaten te vullen met water. Tot ieders verbazing blijkt dit de beste wijn te zijn geworden die de bruiloftsgasten ooit hebben geproefd.
In de eerste Martinidienst van het nieuwe jaar 2018, de eerste ook na de feestelijke viering in de Kerstnacht, besteden we als vanouds aandacht aan het Evangelieverhaal uit Mattheüs 2, over het bezoek van de drie magiërs uit het Oosten (vaak Drie Koningen genoemd) aan het pasgeboren Christuskind in de stal bij Bethlehem. Ze brengen kostbare geschenken mee voor het kind: goud, wierook en mirre, en gaan op de terugweg niet weer langs Herodes om hem in te lichten over de plaats waar de nieuwgeboren ‘koning der Joden’ ter wereld gekomen is. Bijzonder is dat dit verhaal niet wordt voorgelezen maar door het koor wordt gezongen, in een tekstbewerking van Huub Oosterhuis en op een melodie van Antoine Oomen.
Zondag 24 december, voordat we ’s avonds laat een feestelijke Kerstnachtdienst vieren, hebben we om 11:30 uur ’s ochtends eerst nog de viering van de 4e Adventszondag. Deze zondag draagt ook wel de oude naam “Rorate caeli”, hetgeen betekent: “Dauwt hemelen de Messias”. Het geeft aan dat de Messias niet zomaar geboren wordt uit onze geschiedenis, uit onze wereldverhoudingen. Hij zal uit de hemel over ons komen, als een regen van genade en gerechtigheid.